Flippo’s: als je ze eenmaal hebt, wat moet je er dan mee?

Foto: Wikipedia

Een Verhaal van de Dag over verzamelrages door de jaren heen: van suikerzakjes, sigarenbandjes, speldjes en sleutelhangers, tot wuppies en bovenal flippo’s.

(Tekst: Wim Meijer)

Vandaag 25 jaar gelden, op 8 april 1995, stopte chipsfabrikant Smith voor de eerste Flippo’s in de zakken chips. Twee jaar stortte de voltallige Nederlandse jeugd zich op de ronde schijfjes die ze verzamelden, ruilden, mee bouwden en speelden. Flippo’s: een legendarische rage met een korte houdbaarheidsdatum.

Wat maakte een rond kartonnen of kunststof schijfje tot een Flippo? Waren het de afbeeldingen? De ‘Flippo’s van het eerste uur’ werden meestal opgesierd met afbeeldingen van Looney Tunes, een mega populair jeugdprogramma in de negentiger jaren. Dat zal zeker hebben bijgedragen aan het succes van de Flippo.

Misschien kwam het ook wel door de kleine inkepingen in de zijkant, waardoor de schijfjes konden worden  gestapeld of met elkaar verbonden (Techno-Flippo’s)  Of was het toch de doodgewone, ordinaire bezitsdrang, wat in ieder mens(je) zit opgesloten. Die drang om zich te profileren in de vorm van ‘ik heb lekker meer dan jij’?

15% omzetstijging
Wat de échte reden was voor het succes van de Flippo bleek voer voor psychologen. Maar dat Flippo’s werkten mag duidelijk zijn. En dan bedoel ik het op 2 manieren: allereerst veroorzaakte de Flippo een ongekende rage onder de jeugd, die er massaal op los verzamelde, ruilde, bouwde en speelde. En op de tweede plaats was de Flippo het ideale reclame-gadget dat goed was voor een omzetstijging van de Smith Food Group van 15%. Daarmee werd deze dochter van het Pepsi-concern in één keer marktleider.

300 miljoen Flippo’s
Het is vandaag dus 25 jaar geleden dat Smith voor de eerste keer de flippo’s in de zakken chips stopte. In een tijdsbestek van zo’n kleine 2 jaar werden er in totaal ruim 300 miljoen flippo’s door de chipsfabrikant op de markt gebracht. En gemakshalve vergeten we dan maar even alle surrogaat-flippo’s die in de omloop kwamen. Want natuurlijk probeerde meer partijen mee te profiteren van deze nieuwe rage en brachten hun eigen schijfjes op de markt.

Koninginnedag
Net zo verbazingwekkend als de opkomst van de flippo-rage was de neergang ervan. Want ruim een jaar later, op 30 april 1996, bleek de flippo de grote hit op de landelijke vrijmarkten op Koninginnedag. Dozen vol kleurrijke schijfjes en bakken vol verzamelalbums sierden de kraampjes van de talrijke scholiertjes, die hoopten op een lucratieve eigenaarswisseling van hun Flippo-vermogen. De grote anticlimax volgde toen bleek dat de ‘koers van de Flippo’ wel erg laag stond en het merendeel van de schijfjes zelfs ‘onverhandelbaar’ bleek. De magische aantrekkingskracht van het kleine ronde gadget bleek volledig uitgewerkt. Het kon de Smith Food Group echter niet deren, want die raakte na 1996 zijn leidende positie als chipsfabrikant nooit meer kwijt.

Verzamelen is van alle tijden, zo blijkt uit deze foto, gemaakt in 1957 tijdens de nationale ruilbeursdag van de Nederlandse vereniging ´De Verzamelaar´ in de Koopmansbeurs in Amsterdam Plaatjes sigarenbandjes en suikerzakjes waren zeer in trek (foto: Wikipedia/Nationaal Archief – Joop van Bilsen/Anefo)

Misschien is het meest opvallende van de Flippo-rage wel die korte duur en toch die enorme commerciële impact voor het bedrijf dat de rage lanceerde. Dat is heel anders dan eerdere rages, die we wellicht nog kennen van een veel verder verleden. Om er maar even een paar te noemen: sigarenbandjes, suikerzakjes, speldjes en sleutelhangers. Opvallend bij die rages was dat ze niet primair verbonden waren aan één specifiek merk of bedrijf.

Sigarenbandjes, suikerzakjes en speldjes
Bij mij persoonlijk lag het hoogtepunt van het verzamel- en ruilvirus rond mijn tiende levensjaar. Eerst vulde ik menig sigarendoosje met de sigarenbandjes afkomstig van de vele bolknaks die door mijn even zo vele ooms werden gerookt. Daarna vulde ik, met ondersteuning van mijn tien jaar oudere zus, albums met vele suikerzakjes afkomstig van mijn even zo vele tantes. En toen kwamen de speldjes. Dozen vol speldjes. Halverwege de zestiger jaren lag er geen product in de schappen van de (toen nog) kruidenier of er werd wel een speldje bij cadeau gegeven.

Hoewel de speldjes een langer commercieel leven kende dan de Flippo’s bleek ook deze rage vergankelijk. Jarenlang prikte ik de speldjes op een grijze plak schuimrubber, die de muur boven mijn bed compleet bedekte. Maar na verloop van tijd verdwenen ze, heel oneerbiedig, in een zilverkleurige koektrommel op zolder. Later kwamen daar ook de sleutelhangers bij (de rage die volgde op de speldjes) en vervolgens alle medailles en beker(tje)s van dansen en hardlopen. Al deze trofeeën van het verleden verdwenen gelijk met mijn tweede levenspartner. Anders dan aan laatstgenoemde denk ik soms nog met weemoed terug aan al die prullaria uit ‘andere tijden’.

sleutelhangers: de opvolgers van de speldjes