Het is het meest populaire Koningsdaggebakje: de Oranje
tompouce. Maar liefst zo’n drie miljoen van die nationale caloriebommetjes gaan
op de verjaardag van Koning Willem-Alexander over de toonbank. Het is een niet
meer weg te denken traditie die net zo oud is als de koning zelf, 58 jaar dus.
(tekst: Wim Meijer)
Sommige dingen zijn al zo lang een traditie, dat velen van
ons inmiddels vergeten zijn waar die traditie vandaan komt. Koningsdag is een
dag die vol zit met dat soort tradities, zoals vuurwerk, kermis, vrijmarkt en…
tompouces. ORANJE tompouces wel te verstaan! Want de ‘gewone’ roze tompouces
bestaan inmiddels al 374 jaar.
Oranje Tompouces, ze zijn ieder jaar op 27 april niet aan te
slepen. Ga maar na: HEMA is ongeveer Nederlands hofleverancier op dit gebied en
is alleen al goed voor zo’n miljoen oranje tompouces op Koningsdag. En dan
hebben we Albert Heyn die eerder meldde jaarlijks enkele honderdduizenden
doosjes rond Koningsdag te verkopen. Welnu, laten we ‘enkele’ even
kwantificeren op 2. In de wetenschap dat in een doosje 4 tompouces zitten, dan
kom je ook al op zo’n 800.000 stuks. En dan hebben we het nog niet eens over de
andere supermarkten en alle lokale banketbakkers. De waarheid zou dus zomaar ergens
tegen de 3 miljoen oranje tompouces kunnen liggen. Leg ze achter elkaar en je
komt zeker in het Guinness Book of Records. Ga maar na: drie miljoen tompouces
met een (officiële) lengte van 10 centimeter, daarmee kom je op zo’n 300 kilometer,
zeg maar van Den Helder tot Maastricht.
Wim Meijer Fotografie
Overigens is het best wonderlijk dat een zo ‘onhandig’
gebakje zo populair is geworden. Want ik weet niet hoe het u vergaat, maar bij
mij is de combinatie van een gebaksvorkje en een tompouce een regelrechte ramp.
Maar wellicht moet je het zien als een internationale uitdaging, want de
tompouce (maar dan de gewone rose) is ook in andere landen, en al heel lang,
populair. Zo dateert de eerste tompouce van 1651 en komt uit Frankrijk waar het
toen het levenslicht zag onder de naam ‘millefeuille’. Duizend blaadjes dus,
verwijzend naar het bladerdeeg dat uit heel veel laagjes bestaat.
In Nederland nam de tompouce een vlucht in 1932 toen de HEMA
het gebakje opname in het assortiment. Maar daarmee was het nog niet het
populairste Koningsdaggebakje. Dat kwam op 27 april 1967, op de dag dat Willem
Alexander werd geboren. Waar Nederland gewend was om bij geboorten beschuit met
muisjes te eten, bleek dat bij het Koningshuis op die heugelijke dag het
gortdroge beschuitje had plaatsgemaakt voor de tompouce… de ORANJE tompouce wel
te verstaan. Het is een gewoonte die massaal door Nederland werd omarmd, en dat
tot op de dag van vandaag.
Ik weet niet hoe uw Koningsdag eruit ziet. Die van mij
begint in ieder geval in een veel te lange rij voor een echte lokale
banketbakker met ongetwijfeld de lekkerste tompouces van de hele regio, en nog
vóór twee uur ’s middags heb ik al twee van die oranje rakkers naar binnen
gewerkt. Waarom twee? Welnu, per twee zijn ze goedkoper, en ook dat is puur
Hollands.